We spraken met haar over systeemverandering, circulariteit, het gevaar van greenwashing, internationale, transdisciplinaire en interdisciplinaire samenwerking en het feit dat de vdk bank-prijs niet alleen erkenning biedt aan onderzoekers die met het onderwerp bezig zijn maar ook een hefboom kan zijn om het onderwerp duurzaamheid nog meer te verdiepen.  

Circulariteit begint en eindigt in het landschap

Onderzoek van de OESO linkt meer dan de helft van de totale uitstoot van broeikasgassen rechtstreeks aan ons gebruik van grondstoffen en materialen.

Denk aan de ontginning van ruwe materialen, het transport ervan, het verwerken van het afval, het verlies bij de recyclage, het gebruik van materialen voor het bouwen of produceren van consumptiegoederen. Materiaalgerelateerde activiteiten zouden ook goed zijn voor zowat twee derde van het energieverbruik.

“De gebouwde omgeving is bij uitstek de plaats waar grondstoffen en materialen erg aanwezig zijn. Precies daarom hebben we een circulaire economische transitie nodig”, geeft Julie Marin aan. “En daarop focuste ook het doctoraat waarmee ik in 2019 de vdk bank-prijs voor duurzame ontwikkeling won. Mijn scriptie was enkele maanden af toen ik op de hoogte werd gebracht van de mogelijkheid om naar die prijs mee te dingen.” 

Taalverheldering nodig

Toen Julie in 2019 de prijs won, was de circulaire transitie nog niet zo brandend actueel als drie jaar later.

Enerzijds moeten we ons daar natuurlijk over verheugen”, zegt ze. “Maar anderzijds stel ik ook vast dat het woord een containerbegrip dreigt te worden. Ik zie tal van persberichten verschijnen van bouwprojecten die circulariteit claimen, maar als je dat van wat dichterbij bekijkt, kan dat heel wat verschillende invullingen hebben die heel uiteenlopende impact hebben.  

Er is in mijn ogen daarom wel wat nood aan een regelmatige herhaling van wat het begrip juist allemaal kan inhouden en daarom werk ik aan taalverheldering rond circulariteit. Hergebruik van materialen uit gebouwen die worden afgebroken bijvoorbeeld  is weliswaar beter dan het dumpen van die materialen, maar het maakt een groot verschil of je natuursteen tegels integraal hergebruikt of vergruist om te dienen als onderfundering. Ik denk dat we ons van de verschillende gradaties van circulariteit bewust moeten blijven, maar ben tegelijk toch ook blij met verschillende initiatieven die erop wijzen dat de circulaire economische transitie vorm begint te krijgen.”      

Veel positieve initiatieven

Julie Marin, die indertijd een deel van haar geldprijs gebruikte om coöperant te worden van de bank NewB, waar vdk bank de handen mee in elkaar wil slaan om een duurzame bank in heel België mee op te zetten, verwijst daarbij concreet naar de Leuvense Materialenbank en naar de coöperatie Stadsmakersfonds, waarvan ze ook coöperant is.

Julie Marin: “De Materialenbank, een initiatief van stad Leuven in samenwerking met Atelier Circuler, verkoopt gerecupereerde bouwmaterialen - voornamelijk hout. Dankzij het initiatief werd in 2021 zo’n 40 ton bouwmaterialen van de afvalberg gered. De Materialenbank is een belangrijke schakel om van Leuven een circulaire stad te maken. Het Stadsmakersfonds is dan weer een coöperatieve die de herbestemming van bijzondere panden financiert en realiseert. De voorwaarde is wel dat die herbestemming gericht is op maatschappelijke impact. Want in de circulaire economische transitie hangt alles met alles samen. Circulariteit staat niet op zich, het heeft ook een maatschappelijke en sociale dimensie.

Het Stadsmakersfonds investeerde al in enkele bijzondere panden zoals een beschermde brouwerij in Deurne, die wordt omgebouwd tot een dynamische broedplaats voor de buurt en voor bezoekers. En ook een voormalig schoolterrein in Leuven dat vervelt tot een innovatief woonzorgproject. Na het behalen van de vdk bank-prijs heb ik zelf ook een onderzoeksvoorstel ingediend om te kijken hoe twee bedrijventerreinen die worden gekenmerkt door het verspilzuchtig omgaan met ruimte en door laagbouw, een circulaire upgrading zouden kunnen krijgen.

Het winnen van de prijs betekende ook een steuntje in de rug om contacten te leggen met internationale architecten die met hetzelfde thema bezig zijn. Daaruit ontstaan weer nieuwe ideeën die de circulaire transformatie verder op weg kunnen helpen. Dat architectuur en duurzame ontwikkeling sterk met elkaar verbonden zijn, bleek ook bij de uitreiking van de prijs van 2022 want Griet Juwet en Els Van de Moortel, die tweede en derde werden, zijn allebei ingenieur-architect.”

Lees hier het interview met de winnaar van de vdk bank-prijs voor duurzame ontwikkeling 2022 Elien Verniers

Contact